Playtime

Tot zover mijn stageverslag,
nu is het tijd om te spelen.






www.kafooble.blogspot.com

Voorwoord


Met Stage 1.0 in mijn rugzak, wilde ik nu naar Amsterdam. Voor de inspiratie die ik miste in Enschede. Daar had ik gemerkt dat om te groeien in het grafisch vormgeven, ik met meer bezig moest zijn dan vormgeving alleen.

Hoe je iets wil vertellen (vormgeving) is ondergeschikt aan wat je wil vertellen (inhoud).

Een waarheid als een koe, maar het wordt nog wel eens omgedraaid door vormgevers. Mijzelf niet uitgesloten. Wilde ik mijn vormgeving naar een hoger niveau tillen dan moest bij deze stageperiode de nadruk dus liggen op inhoud, en daarmee vanzelfsprekend, mijn inhoud. Ik heb me in dit verslag voornamelijk geconcentreerd op de content, waar ik bij mijn vorige vooral met vormgeving heb geëxperimenteerd (en daar is ie alweer; de verkeerde volgorde). Ik wil me dus, om tot betere vormgeving te komen, de kwaliteiten van een Art Director eigen maken. Oftewel; het ontwikkelen van mijn creatief denkvermogen om zo goede ideeën te kunnen verzinnen. En uit een goed idee vloeit vanzelf de manier waarop je het vormgeeft. Met die wetenschap ben ik op zoek gegaan naar een nieuwe stageplaats (wat een goed idee).

Nadat ik aangaf wat mijn doelstelling was bij een kennismakingsgesprek, zei Peggy streng “Het frustreert me dat je nog niet op het niveau zit waar je kan zijn, dus welkom.”

Pindakaas


Aan de Herengracht te Amsterdam, in het kloppend hart van Nederland, is Bureau Pindakaas gevestigd (voorheen als ‘Bureautje Pindakaas’). In 2001 opgezet door Peggy Stein, toen al ruim 20 jaar in het vak. Na jaren rond de tafel gezeten hebben met grote ego’s vond ze het tijd voor een nieuw reclamebureau, anders dan de gevestigde orde. Geen torenhoog reclamebureau, gerund door snelle jongens in 3-delige pakken, waar jonge creatieven met een map onder de arm voor een dichte deur komen te staan.

‘Let’s talk peanutbutter’

Pindakaas is een strategisch communicatiebureau met een groot full-service netwerk. Pindakaas gelooft niet in concurrentie, des te meer in samenwerking. Door veel samen te werken met vakmensen uit het netwerk zijn we als klein bureau in staat grote projecten te realiseren. Vanuit strategisch oogpunt is Pindakaas verkleind om zo puur te kunnen werken aan goede concepten. Stagiairs niet meegeteld werken er op dit moment 4 mensen. Peggy Stein is creatief directeur, Marjo Duiveman is Peggy's persoonlijke assistent en grafisch vormgever, ikzelf als 'junior Art Director' en heel recentelijk is Joanna Krolikowska erbij gekomen. Vers van het Miami Ad School Bootcamp. Samen vormen we een sterk team, een team dat elke opdracht aan kan door gebruik te maken van ons netwerk. Bij Pindakaas is iedereen verantwoordelijk voor het soepel verlopen van alles in en om het bureau, samen zijn we dus verantwoordelijk voor het leveren van een goed eindproduct. Iedereen weet van elkaar waar diegene mee bezig is en kan op elk moment de taak overnemen van een collega. Er is een brede hiërarchie, alle deuren staan open voor iedereen. Wat uiteraard de communicatie onderling ten goede komt. Doordat Pindakaas, fotoagentschap A-A-P, fotostudio Studio320PK, de redactie van Esquire magazine, filmproductiebedrijf Monkey Republic en de studenten van de Miami Ad School allemaal in één pand gehuisvest zijn, is het een komen en gaan van enthousiaste, eigenzinnige creatieven die allemaal in de Pindakaasfamilie worden opgenomen. En de gezonde chaos die daar uit voortkomt stimuleert de creativiteit weer en zorgt voor verrassende inzichten en ideeën. Een werkomgeving dus waar creativiteit en inspiratie in overvloed aanwezig zijn.

De naam ‘Pindakaas’ zegt iets over onze kijk op de wereld, een nuchtere Hollandse visie. Terugkijkend naar reclames met pindakaas in de hoofdrol borrelen er bij mij woorden op als; ambitie, lef, dromen, actie, groei, ontwikkeling en bovenal plezier. Begrippen die allemaal van toepassing zijn op Pindakaas als bureau en op de mensen die er werken. Mensen die vooral niet vergeten dat ze zelf ook consument zijn.


Missie

Iedereen heeft ambities, iedereen droomt over de toekomst en de projecten die je ooit wil doen (als je later groot bent). Veel mensen zeggen dat ze dat ook durven. Er zijn er maar weinig die hun droom waarmaken, die het dus ook daadwerkelijk doen.





Het enige wat je weerhoudt van het realiseren van je droom is je eigen wil. Een kans wordt je niet aangeboden op een presenteerblaadje, die kans moet je grijpen. Desnoods creëer je die kans zelf (nu, niet later).
Pindakaas denkt pro-actief mee met opdrachtgevers, en ziet daardoor het grote plaatje. Meedenken, in plaats van klakkeloos aan het vormgeven te slaan, zonder vragen stellen. Hierdoor is Pindakaas in staat marketingideeën en communicatieconcepten te ontwikkelen die gericht zijn op het creëren van loyaliteit bij doelgroepen (zie hoofdstuk Boeken - Lovemarks). Dit is de missie van Pindakaas.
Het pro-actieve denken was voor mij meteen een eye-opener. Bij het kennismakingsgesprek al realiseerde ik me dat ik veel meer bezig was met het dromen over wat ik ooit wilde worden, namelijk een van de beste en origineelste designer/grafisch vormgever/illustrator/schrijver/alleskunner die de wereld ooit heeft gekend, dan met het daadwerkelijk zorgen dat ik de beste word. Een persoonlijke missie die wel wat pro-activiteit kan gebruiken. En pro-actief denken is Pindakaas’ eigen. Een goed voorbeeld daarvan is de ‘Sorry-actie’, waarbij Pindakaas alle omleidingen in het centrum van Amsterdam voor automobilisten wat draaglijker maakte, vanuit eigen initiatief. Door middel van gele stickers met daarop enkel het woord ‘Sorry!’ creëerde Pindakaas wat meer sympathie bij de verkeersdeelnemers. De knalgele verkeersborden die de omleiding aangeven rond bouwputten werden beplakt met de sticker en zorgde zo voor veel positieve reacties. Pindakaas vond het jammer dat de gemeente niet meer onderneemt om de stad leefbaarder te maken. Peggy: ‘We hebben ze laten zien hoe makkelijk het is, maar toch doen ze te weinig. Ik vind het een taak van de politiek om de creativiteit weer terug te brengen in de stad. We moeten de maatschappij weer op de rails zetten. Door burgeracties wordt Amsterdam weer positiever, maar het is zuur dat de overheid zo weinig doet.’

Werk

Bij Pindakaas is echt geen dag hetzelfde. Er zijn natuurlijk taken die elke dag terugkomen, maar de agenda staat zo vol en er gebeurt zoveel in korte tijd dat ik me vaak afvraag waar de tijd blijft.

Onder dagelijkse werkzaamheden valt bijvoorbeeld het zorgen voor het pand. Herengracht 320 is een indrukwekkend, statig en uitnodigend pand. En het is een werkomgeving waar veel verschillende mensen gebruik van maken. Met 4 bedrijven en de Miami Ad School in het pand is het belangrijk dat het representatief blijft. Er komen namelijk dagelijks klanten langs. Ook de fotostudio, waar bijna elke dag een fotoshoot is, moet altijd in orde zijn. Tijdens een fotoshoot moeten uiteraard de fotografen, modellen en visagisten wegwijs gemaakt worden. Maar het uitlaten van Buddha, de eigenwijze bulldog van Peggy, is een erg welkome onderbreking van het werk. Door uit te waaien langs de grachten krijg ik de kans even rustig stil te staan bij alle bedrijvigheid.

In het verleden heeft Peggy voor klanten gewerkt als H&M, Coca Cola, Nuon, Johma, Amnesty en het Wereld Natuur Fonds. Maar de klantenkring van Pindakaas is ook erg divers. Een kleine reeks uit het Pindakaas bestand; Groene Land Achmea, Holland Casino, Dove, Kindertelefoon, Liga, Fitclub en Jeep Kids Clothing.

Pindakaas verzorgt momenteel o.a. de communicatie voor Amsterdam Partners. Amsterdam Partners is een samenwerkingsverband tussen de Gemeente Amsterdam en de zakelijke industrie. Met als doel; het verbeteren van het imago en het promoten van Amsterdam, in Nederland maar ook in het buitenland. Het onderscheidend vermogen van Amsterdam ligt in haar kernwaarden; creativiteit, innovatie en handelsgeest. Die kernwaarden zijn tegelijkertijd de tools om Amsterdam wereldwijd op de kaart te zetten. Om Amsterdam te promoten is, in 2004 door KesselsKramer, het motto ‘I amsterdam’ ontwikkeld voor de stad. Het motto draagt de trots van zijn inwoners. De mensen die in Amsterdam leven, wonen, studeren en werken máken Amsterdam en met het uitdragen van het motto laat men een duidelijke voorkeur voor Amsterdam zien.






De door KesselsKramer ontwikkelde brandmanual was echter niet voldoende uitgewerkt, wat zorgde voor veel wildgroei de afgelopen jaren. Veel verschillende partijen maken namelijk gebruik van het ‘I amsterdam’ motto. Om een consequente en uniforme uitstraling naar de buitenwereld te hebben moeten er duidelijke richtlijnen zijn over het toepassen ervan.
Pindakaas heeft die brandmanual tot in de details uitgewerkt. Alles van het bepalen van de grootte van het motto ten opzichte van de te maken uiting, tot de tone of voice van de tekst en de look & feel van de gebruikte foto’s. Pindakaas verzorgt daarnaast alle communicatie van Amsterdam Partners. In de tijd dat ik bij Pindakaas zit heb ik daar al veel van langs zien komen.

De mupi’s voor het Amsterdam Dance Event heb ik nog net de deur uit zien gaan toen ik hier kwam. De portretten van fotograaf Krijn van Noordwijk vormden de basis van de campagne. En in samenwerking met Amsterdam Partners en JC Decaux is er ook een outdoor expositie van Krijn gerealiseerd. Hij is bij Pindakaas kind aan huis en zijn project ‘DJ’ sloot goed aan op de campagne van het ADE en op 'I amsterdam'. Hij was gefascineerd door de kleine poppetjes die, vanaf een vergelegen podium, duizenden mensen uit hun dak laten gaan, terwijl maar weinig mensen een idee hebben hoe die DJ eruit ziet. Hij portretteerde de afgelopen 2 jaar 150 DJ’s in binnen en buitenland en maakte zo van idolen iconen.

Tijdens de September Festivalmaand waren ook mupi’s door de hele stad te zien. Amsterdam stond in de maand september in het teken van de creatieve festivals. Robodock, Art Olive, Picnic, Amsterdam Underground Festival, Inside Design en B-oost werden samen allemaal gepromoot met de claim ‘Global warning. Once you get touched by Amsterdam Creativity, there’s no way back’. Twee verschillende foto’s werden gebruikt voor de mupi’s, geschoten door Tim van de Most. Tim is een jonge fotograaf die onder het agentschap A-A-P valt. Hieruit blijkt wel hoe jong talent een kans krijgt bij Pindakaas.

Om Amsterdam te promoten als creatieve hoofdstad moeten vanzelfsprekend de grootste creatieven gevierd worden. De iconen zetten Amsterdam op de kaart. Marcel van der Vlugt is zo’n Amsterdams icoon. Hij is al jarenlang fotograaf op wereldniveau, met een oeuvre waar je U tegen zegt. Veel awards heeft hij al op zijn naam staan en zijn werk heeft al veel exposities gevuld in binnen en buitenland. In november kwam zijn boek ‘Beauty and other secrets’ uit en om dat te vieren was er een officiële presentatie in het gebouw de Bazel te Amsterdam. Marcel heeft in samenwerking met Amsterdam Partners, de Gemeente Amsterdam en Pindakaas, die het idee aandroeg, zijn 15 jarige oeuvre in zijn Amsterdam met allure te kunnen presenteren.

Om iedereen in Amsterdam een geweldige jaarwisseling te wensen tijdens Oud & Nieuw is er door mij, onder begeleiding van Pindakaas, een sfeervolle mupi vormgegeven die door de hele stad heeft gehangen. Geïnspireerd op het motto ‘I amsterdam’ bedachten we (een student van de Miami Ad School en ik) de uiting ’12 AMsterdam’. 12 AM staat gelijk aan middernacht. Hoewel wij dit systeem niet gebruiken om de tijd aan te geven, spreekt het de toeristen juist aan. Het viral-filmpje heb ik verder uitgedacht en in elkaar gezet en is verspreid over het internet. Deze uiting hebben wij ook ingestuurd naar de ADCN Awards.



Toen de Fashionweek naderde had dit jaarlijkse event uiteraard ook een uiting nodig. Ook op modegebied onderscheidt Amsterdam zich van andere landen en dat werd vertaald in de mupi ‘Cutting loose with Amsterdam cutting edge fashion’. Wat vrij vertaald ‘verruim je blik met Amsterdams’ vooruitstrevende mode’ betekent. Een uitdagend statement ondersteunt door een eigenwijs beeld van 2 etalagepoppen.

De Gemeente Amsterdam, afdeling Economische Zaken is ook een klant van Pindakaas. En om Amsterdam te promoten in Azië zijn er 2 factsheets vormgegeven. Waarin voornamelijk feiten en cijfers over Amsterdam werden weergegeven. Maar ook de Unique Selling Propositions van Amsterdam, waarom het voor buitenlandse bedrijven aantrekkelijk is om zich te vestigen. De factsheets worden gebruikt op handelsreizen naar India en China.

Voor dezelfde klant, Economische Zaken, is ook een glossy ontwikkeld door Pindakaas. De klant wilde in eerste instantie een folder met hetzelfde doel als de factsheets; de regio Amsterdam promoten in het buitenland en internationale bedrijven aantrekken om zich te vestigen. In plaats van een folder stelde Pindakaas voor een compleet magazine te ontwikkelen met een glossy-uitstraling, een sexy chic blad. De klant heeft er goed aan gedaan Pindakaas’ advies op te volgen. De strak vormgegeven glossy genaamd ‘Proud’ draagt op de cover een foto van burgemeester Job Cohen (die ook de inleiding verzorgde), complete artikels over de voordelen van Amsterdam als handelsstad, interviews met reeds gevestigde buitenlandse ondernemers en artikels over de kwaliteit van leven in Amsterdam. Allemaal ondersteunt door prachtige fotografie. De glossy is mooier en effectiever dan een folder en heeft Amsterdam een sexy uitstraling gegeven. Volgens de planning zal de Proud vier keer per jaar verschijnen. Leuk detail; mijn naam voor het eerst in de colofon van een blad en op de voorpagina van de ReclameWeek. Trots!

Pindakaas heeft het boek vormgegeven van Anita Greter genaamd ‘Hopjesvla met Slagroom, lang leve mijn leven met HIV’. Anita heeft 12 jaar lang geheim gehouden dat zij HIV positief is en door middel van haar boek heeft ze aan dat geheim een eind aan gemaakt. Hopjesvla met slagroom is letterlijk haar redding geweest. Door dit ontbijt kon ze haar pillen goed innemen en het zorgde er ook voor dat alle medicijnen goed werden opgenomen in haar lichaam. In haar boek vertelt Anita haar verhaal en ervaringen maar ook allerlei feiten over HIV. De opbrengst van het boek gaat naar de stichting ‘Leven met een geheim’, opgezet door Anita. De stichting zet zich in voor betere voorlichting over HIV op scholen, ziekenhuizen en bibliotheken. Maar ook op sociaal-maatschappelijk vlak om bewustwording, acceptatie en integratie te bevorderen voor seropositieve mensen. Voordat het boek in de winkel verscheen was er een officiële presentatie om zo de genodigden te vertellen hoe alles tot stand is gekomen. Ook heeft Anita in de weken nadat het boek verscheen veel interviews gedaan met radio, kranten en magazines.

Bij al deze projecten ben ik nauw betrokken geweest en heb hierdoor veel kennis opgedaan. Ik heb voornamelijk goed gelet op hoe het idee tot stand is gekomen vanaf de briefing en wat de strategie achter deze projecten was. Vooral het sparren tussen de creatieve geesten van Peggy en Marjo is een interessant proces wat ik nog niet eerder zo had meegemaakt. Wat helemaal goed uit de verf komt als je een product als de ‘Proud’ glossy eenmaal in handen hebt. Dan zie je wat goeie keuzes zijn geweest en waar de valkuilen liggen.

Miami Ad School


De Miami Ad School is een topopleiding voor reclamemakers. Vanuit de hele wereld komen studenten lessen volgen in Grafisch Ontwerp, Art Direction, Copywriting, Strategie en Fotografie. De studenten krijgen les van de beste uit het reclamevak. Met vestigingen in o.a. Miami, New York, Sao Paulo, Hamburg en Madrid zijn ze internationaal goed vertegenwoordigd. Een Quarter Away hoort bij de opleiding. De studenten wonen dan 3 maanden in een stad in het buitenland en krijgen daar les van vakmensen uit die stad. Hierdoor krijgen ze veel verschillende invloeden en inzichten te verwerken en leren zich aan te passen in een nieuwe omgeving, wat natuurlijk de persoonlijke ontwikkeling stimuleert.

‘creative capital Amsterdam’

Doordat Amsterdam op creatief gebied vooruitstrevend is, kunnen de studenten sinds oktober 2006 ook kiezen een Quarter Away in Amsterdam te volgen. Pindakaas biedt hun dan een thuisbasis, waar ze elke dag terecht kunnen om aan opdrachten te werken. De lessen vinden plaats in de creatieruimte, op de bovenste verdieping van ons pand. De leraren komen o.a. van Pindakaas, S-W-H, A-A-P en Wieden & Kennedy. Doordat Peggy ook lessen verzorgt krijg ik af en toe de kans mee te kijken, waar ik kan doe ik dat zo veel mogelijk. Ik fungeer ook als contactpersoon voor de studenten. Zo heb ik gastlessen voor ze geregeld waar ik vervolgens ook bij kon zijn. Zoals met Johan Kramer van (ex KesselsKramer), waarbij Johan aan de hand van videomateriaal zijn persoonlijke 13 geboden (zijn richtlijnen voor succesvolle reclame en creativiteit) met ons deelde. Met Erik Wünsch en zijn team bespraken we door S-W-H gemaakt werk, waaronder veel prijswinnende commercials. Sounddesigner Niels den Otter van Sizzer gaf een korte lezing over muziek bij commercials. En met 10 creatieven van Wieden & Kennedy konden de studenten hun eigen portfolio bespreken.

In de tijd dat ik bij Pindakaas zit heb ik nu 2 lichtingen studenten meegemaakt en de nieuwe lichting is net gearriveerd. Voor mij geldt dus ook, veel verschillende invloeden, inzichten en culturen om te verwerken. Hierdoor heb ik de kans nog meer over reclame te leren en over creativiteit in het algemeen. Vooral doordat er nauwelijks vormgevers tussen zitten maar voornamelijk Copywriters en Art Directors, allemaal op zoek naar ‘the big idea’. En het is ongelooflijk interessant hoe de cultuurverschillen onder de studenten leiden tot diverse inzichten. Een studente uit India vraagt zich af waarom de mensen en winkels in Amsterdam zoveel energie verspillen door hun lichten onnodig aan te laten, terwijl een jongen uit New York voor het eerst op een fiets angstig de tramrails probeert te ontwijken. Zulke uiteenlopende opvattingen, op de voor ons normale leefomgeving, zetten mij ook weer op andere gedachtes en dagen uit tot een zo ruim mogelijke blik.

Voor een kijkje op hun blog, ga naar dijksbikesandthestolenwaterkoker.blogspot.com/

Werkanalyse

Bij deze stage draaide het voornamelijk om het proces van goede ideeën verzinnen te leren kennen, meer dan om het vormgeven ervan. Om tot echt sterke concepten te komen moest ik een stap terug. Het ontwerpen van een logo, de opmaak van een folder of website, dat komt allemaal pas nadat je weet wát je wilt communiceren. Aan dit essentiële deel werd op school tot nog toe naar mijn idee te weinig aandacht besteed. Door bijvoorbeeld alleen de opdracht; ‘vernieuw een bestaand logo naar keuze’ leer je niets dan wat je zelf al kan, wat je dan vervolgens weer in praktijk brengt.

Zo kun je eeuwig blijven vormgeven in rondjes.

De kunst is niet als een vormgever na te denken. In plaats van je te storten in je beeldscherm moet je eerst eens achterover gaan zitten. Van welk bedrijf wil je het logo vernieuwen, waarom dat bedrijf, wat zijn de kernwaarden (Unique Selling Propositions) van dat bedrijf, hoe wil je die vertalen in het logo, welke doelgroep spreek je aan, enzovoort. Kritisch kijken is daarbij noodzakelijk om tot een beter product te komen.

Waarom doe je wat je doet?

Om een kritischere kijk daarop te krijgen, en om een meer uitgesproken mening te vormen over reclame en alle daaraan verwante aspecten, moet je er eigenlijk non-stop mee bezig zijn. Althans, daar probeerde ik (en Pindakaas) me toe te dwingen. De logica achter dingen zoeken is daar een goede oefening voor.

‘Hoe komt Apple aan hun naam en logo? Waar staan de sterren en balken voor in de Amerikaanse vlag? Wat is de functie van de kleur rood in een verkeersbord? Hoe komt het, in godsnaam, dat Hyves zo populair is? Waarom gebruikt men fitnesscentra niet als energiecentrale?’

Naarmate ik meer logica zoek in dingen en dus meer vragen bij stel, merk ik dat ik moet uitkijken niet overal, altijd en over alles een mening te hebben. Of in ieder geval die opvatting voor mezelf houden. Mensen die altijd hun mening paraat hebben komen op mij namelijk altijd negatief over. Er is dus een dunne lijn tussen kritisch en irritant en ik blijf graag aan de goede kant.

Nog een van de eigenschappen waarover een Art Director/vormgever zeker moet beschikken is nieuwsgierigheid. Nieuwsgierigheid over het algemeen, zodat ik niet doodga van verveling. Maar vooral in dienst van mijn inlevingsvermogen. Interesse hebben in alles, of in ieder geval, me kunnen interesseren in elk onderwerp. Hoe ver dat ook van me afstaat. Zodat ik elke opdracht aan kan. Een noodzakelijke vaardigheid voor het vormgeven van nagenoeg alles.

'only boring people get bored'

Zelfreflectie


Vanaf de eerste dag al was ik blij dat Pindakaas mij een kans gaf met hun mee te lopen. Peggy is iemand waar ik veel van kan leren, 27 jaar ervaring en al veel jonge creatieven opgeleid. Ogen en oren open houden dus, te allen tijde. Ze gaf meteen al aan dat het niet makkelijk zou worden, alles behalve een free-ride. Of ik tegen kritiek kon, was de eerste vraag aan mij. Nou had ik al zo’n idee dat ik niet ver kom met alleen complimenten, waar ik ook niet op zat te wachten. Alleen met kritiek wordt mijn werk beter. Zodat ik elke opdracht die ik voor mijn kiezen krijg beter uitvoer dan de vorige.

Houd werk en emotie gescheiden.

Een wijze les. Waar je bij kritiek namelijk tegenaan loopt is emotie. Het klinkt alsof je als een machine aan de gang moet, maar het gaat erom dat je je werk niet laat beïnvloeden door bijvoorbeeld een verhitte discussie. Als je een idee hebt en die wordt vervolgens met de grond gelijk gemaakt, zou je je dat persoonlijk aan kunnen trekken. De kunst is dat niet te doen, bedenken wat er niet goed aan was en waarom, de kritiek als opbouwend beschouwen en verdergaan.

‘Kunnen is zilver, willen is goud’

Een boek wat ik na een paar weken in mijn handen gedrukt kreeg was ‘Kunnen is zilver, willen is goud’ van Paul Arden. Daarin wordt duidelijk gemaakt dat het niet gaat om hoe goed je bént, maar om hoe goed je wíl zijn. Wat betekent dat als je een doel voor ogen hebt en je wilt dat doel koste wat het kost bereiken, talent maar bijzaak is. Toen ik het gelezen had ging bij mij de knop om. ‘Hartstikke leuk dat je een beetje kan vormgeven maar daarmee verover je de wereld niet, Jan!’ vertel ik mezelf voortaan, en ben meer gemotiveerd dan ooit tevoren.

Als stagiair op een nieuwe plek wist ik nog niet meteen wat er van me verwacht werd. Ik was nog wat terughoudend. Wat betreft omgangsvormen, verantwoordelijkheden en do’s en dont’s was het even afwachten wat de norm zou zijn bij Pindakaas. Daar kwam ik snel genoeg achter.

‘Kom niet bij me aan met problemen, kom met oplossingen.’

Om wat assertiviteit in m'n donder te krijgen werd ik eigenlijk meteen in het diepe gegooid. Wat ik ook wel nodig had want zwemmen kan ik toch wel. De uitspraak ‘Zoek het uit’ heb ik vaak langs horen komen. Op dat moment kwam dat op me over alsof ze geen tijd hadden voor een stagiair. Achteraf gezien was ik blij dat ze me op die manier lieten worstelen. Vragen stellen is niet verboden bij Pindakaas, maar hun tijd is wel kostbaar. Op den duur zorgde ik ervoor dat ik eerst zelf op onderzoek uitging voordat ik Peggy of Marjo lastig ging vallen met voor de hand liggende vragen. Van begin af aan werd ik behandeld als een werknemer. Ik, op mijn beurt, moest me logischerwijs ook gedragen als een werknemer. Bij mijn vorige stage werd ik gewoon als een stagiair behandeld, wat ik ze natuurlijk niet kwalijk neem. Maar het enige wat ik dan kan doen is me daar naar gedragen. Ik kreeg daar wel leuke opdrachten, maar nauwelijks verantwoordelijkheden. Bij Pindakaas daarentegen, moest ik gelijk alles aanpakken. En juist daardoor sta ik nu steviger in mijn schoenen. Peggy en Marjo waren dus al vanaf de eerste dag bezig met character building.

Dat ik wat passief kan overkomen komt denk ik voort uit het feit dat ik alle indrukken die ik binnenkrijg probeer te absorberen. Ik voel me namelijk nog wel een beetje het plattelandsjochie in de grote stad. Er gebeurt zoveel in en om Pindakaas, er lopen zoveel gekke creatieven rond, zoveel mensen die dingen weten die ik wil weten, dat ik niet van de hoogste toren blaas. Terwijl ik vanuit mezelf juist vaak de rebel ben, vind het leuk om mensen uit hun comfortzone te duwen, ze uit te dagen anders te denken. Maar aangezien Pindakaas mij uitdaagt, moet ik daar mijn voordeel uithalen.

Ik heb bij Pindakaas vaak het idee aan een informatie-infuus te zijn aangesloten. En het absorberen van die informatie gaat me erg goed af. Ik merk een bijna onverzadigbare drang naar kennis te hebben. Wat wel getriggerd moest worden door het bezig zijn in de praktijk. Maar nu ik eenmaal wat ervaring heb door de stageperiodes, Pindakaas in het bijzonder, heb ik het gevoel niet meer te stoppen te zijn. Een erg fijn gevoel.

Gevoel is wel een kracht van me, gevoelig als in hoog sensitief. Situaties, sfeer en mensen kan ik wel goed aanvoelen. Maar ik moet uitkijken niet te gevoelig te zijn voor sfeer, om productief en efficiënt aan het werk te blijven. Wel kan ik op moeilijke momenten positief en optimistisch blijven. Door de studenten van de Miami Ad School merk ik dat ik makkelijk te benaderen ben, open sta voor een andere kijk op dingen en ook klaar sta voor anderen.

Wat ik best moeilijk vind is samenwerken, met een partner tot een goed product komen. Maar daarin, werd me gaandeweg uitgelegd, denk ik nog teveel als een vormgever. Als vormgever wil je resultaat zien, laten zien wat je kan. Compromissen sluiten is dan niet waar je op zit te wachten. Maar juist als je met meer mensen een goed product wil neerzetten is dat noodzakelijk. Een Art Director zal moeten kunnen samenwerken, taken verdelen, vertrouwen op de ander, kritisch zijn, kritiek ontvangen en nog meer samenwerken. Daar wordt dus hard aan gewerkt.

Ondanks dat ik non-stop nadenk over creativiteit, hoe ik daarin een verschil kan maken en vervolgens de wereld kan veroveren, vergeet ik nog veel te vaak te spelen. Spelen, experimenteren, af en toe op m'n bek gaan doe ik nog te weinig, ik moet mezelf meer achter de vodden aanzitten. Wat dat betreft ben ik nog teveel een dromer in plaats van een doener. Het Pindakaas motto ‘dromen durven doen’ moet ik dus veel meer naleven.

Boeken

Ik ben meer boeken gaan lezen dan ik al deed, en minder willekeurig. Peggy heeft me ook een aantal boeken aangeraden die me erg veel goed hebben gedaan. En aangezien ze mij zo’n flinke dosis kennis gaven vind ik het nuttig hier een hoofdstuk aan te wijden. Deze boeken raad ik op mijn beurt dan ook weer aan, aan een ieder die dit leest.

Om inzicht te creëren in hoe je jezelf kan aanleren ideeën te produceren, heb ik ‘A Technique For Producing Ideas’ gelezen van James Webb Young. Het proces van ideeën verzinnen word hierin haarfijn uitgelegd. Voor je uit staren en wachten op het eureka-moment is niet die manier. Door gestructureerd aan het idee te werken kun je voor elke opdracht iets origineels verzinnen. Stap 1 in het proces is het verzamelen van onverwerkte informatie. Het verwerken van al die informatie is stap 2. Het materiaal van alle kanten bekijken en beschrijven en pas stoppen als je alles hebt geanalyseerd. Nadat je alle ideeën die je in je opkomen hebt opgeschreven, hoe bizar dat idee ook lijkt. Totdat alles een grote wirwar van informatie wordt. Dan is het tijd voor stap 3. De hele opdracht naast je neerleggen en iets anders gaan doen. Iets wat je emotioneel raakt. Film, muziek, een goed gesprek, lezen, enzovoort. Stap 4; een idee zal verschijnen, het ‘ping’ moment, en als dat gebeurt moet je het natuurlijk meteen opschrijven. Stap 5; het idee blootstellen aan de realiteit. Uitdenken, testen, alle voor en nadelen tegen elkaar afwegen en bereid zijn het idee aan te passen daaraan.
Deze stappen lijken heel erg logisch maar veel mensen hebben de neiging meteen te beginnen bij stap 4 of 5.

In ‘A Whole New Mind’ legt Daniel H. Pink uit welke 6 vaardigheden je nodig hebt om succesvol te zijn in het ‘conceptuele tijdperk’. In het ‘informatie tijdperk’ waren de computerachtige, analytische en logische denkers degene met de goedbetaalde banen. Door automatisering, een overvloed aan producten en veel werk dat aan de andere kant van de wereld goedkoper gedaan kan worden, zijn die banen in gevaar. In het ‘conceptuele tijdperk’ dat aanbreekt zijn de designers, uitvinders en verhalenvertellers degene die succesvol zullen zijn. (Dat klinkt me als muziek in de oren). De vaardigheden, of zintuigen zoals hij ze noemt, zijn; ontwerpen (Design), verhalen vertellen (Storytelling), componeren (Symphony), inleven in anderen (Empathy), spelen (Play) en betekenis geven (Meaning). Hij geeft gedetailleerde uitleg, voorbeelden en oefeningen om je te helpen verder te helpen in je (creatieve) ontwikkeling. ‘A Whole New Mind’ is een verademing voor iedereen die zich bezighoudt met creativiteit, op wat voor manier dan ook.

‘Lovemarks’ van Kevin Roberts, leert hoe je loyaliteit naar merken creëert bij consumenten. Loyaliteit die de redelijkheid voorbij gaat. Lovemarks gaan verder dan gewone merken. Haal een merk uit de schappen en consumenten vinden daarvoor vervanging, haal een Lovemark uit de schappen en mensen gaan protesteren (denk maar aan de commotie die werd veroorzaakt toen Coca Cola met een nieuw recept kwam). Lovemarks gaan een emotionele band aan met de doelgroep en hebben 3 belangrijke eigenschappen; mysterie, sensualiteit en intimiteit. En daarin onderscheiden ze zich van gewone merken.
Mysterie; mensen worden aangetrokken door wat ze (nog) niet kennen. En als we alles al zouden weten blijft er niets over om te leren of je te verwonderen. Sensualiteit; onze 5 zintuigen houden ons alert op lekkere geuren, nieuwe structuren, fijne muziek, mooie kleuren en lekker eten. Door te kijken, voelen, proeven, ruiken en horen ervaren we de wereld en worden onze herinneringen gevormd. Als een merk alle zintuigen prikkelt zorgt dat voor een verpletterende indruk. Intimiteit; passie, inlevingsvermogen en verbondenheid blijven vaak nog herinnerd nadat de functie en voordelen al zijn vervaagd. Al deze eigenschappen zorgen voor intense loyaliteit en creëren een Lovemark.

‘Kunnen Is Zilver, Willen Is Goud’ van Paul Arden is een boek wat iedereen op tafel moet hebben liggen. Het staat vol met nuttige tips die natuurlijk goed onderbouwd worden. Om een idee te geven hoe nuttig, hier een opsomming;
  • Pak een andere pen als je vastloopt.
  • Faal en faal weer. Faal dan beter.
  • Wie geen fouten maakt, maakt waarschijnlijk helemaal niets.
  • Laat slimmigheidjes de boodschap niet ondersneeuwen.
  • Kan het niet? Doe het dan toch. Als je het niet maakt bestaat het ook niet.
  • Benadruk het positieve, ban het negatieve uit.
  • Wacht niet op nieuwe kansen. Wat je nu in handen hebt, dat is je kans.
  • Als een probleem onoplosbaar lijkt, komt dat omdat je je aan de regels houdt.

Toekomstbeeld

Voordat ik bij Pindakaas kwam had ik het plan nog een vervolgopleiding te doen, bij een kunstacademie of iets dergelijks. Alleen nu ik in de praktijk bezig ben merk ik dat het me veel meer motiveert dan school. De opleiding Vormgever Reclame, Presentatie en Communicatie is goed als basis. Maar om het reclamevak echt te leren is het noodzakelijk er middenin te zitten. Dat is ook de reden om dit laatste half jaar van mijn opleiding, naast school, bij Pindakaas te blijven meedraaien waar ik kan. Door hier actief te blijven loop ik geen achterstand op, op ‘the working life’. En ik denk dat nog 2 jaar (of langer) naar school gaan mijn leerproces juist zou vertragen. Wat de toekomst brengt weet ik natuurlijk niet, maar grote kans dat ik het diepe in spring en ga werken. De wereld veroveren gaat me niet lukken vanuit de schoolbanken. De wereld veroveren moet ik gewoon gaan doen.